Lief dagboek,
Ik moet je iets bekennen: ik ben bezig met een eigen Linux server. Maar voor ik dat uitleg, moet je weten waar ik vandaan kom. Ik ben de generatie van voor het internet. Mijn eerste computer kon minder dan de telefoon die mijn zoon nu gebruikt om filmpjes van kauwende katten te kijken. Op de mavo hadden we een vak dat informatica heette, waar we DOS leerden. Dat is een zwart scherm met een knipperend streepje dat je alleen terug kon praten als je precies de juiste toverspreuk intikte. Internet was iets uit Area 51, waar mensen in films over fluisterden. Had je een vraag, dan vroeg je die aan je moeder. En Windows? Daar keek je doorheen om te zien of het ging regenen.
Sindsdien gaat het in de computerwereld zo hard dat wat gisteren nieuws was vandaag al oud is en morgen vergeten. Ik ben er twintig jaar lang vrolijk naast blijven staan. Mijn favoriete zin was “sorry, ik ben een digibeet”. Die werkte altijd. Je zegt hem met een lief hoofd schuin en iemand anders doet het voor je. Briljant. Waterdicht.
Drie websites en een knipperende 12:00
Tot nu. Want ik heb met hulp van AI inmiddels drie websites draaien die gewoon goed gevonden worden door Google. Drie. Over dat getal schreef ik trouwens al eens een heel blog. Ik, de man die ooit een videorecorder kocht en daarna jarenlang een knipperende 12:00 in de woonkamer liet staan omdat omgaan met de klok te ingewikkeld was. Wat SEO is weet ik nu ook. Uitleggen kan ik het nog niet echt, maar heel serieus knikken als iemand erover begint lukt me prima.
Een Drent met een eigen Linux server
Het wordt nog erger. Ik ben begonnen met het inrichten van mijn eigen Linux server. Een Drent, in Turkije, met een eigen server. Als mijn vader dit zou zien, zou hij eerst even gaan zitten en dan vragen of ik niet gewoon een kip kon aanschaffen. Dat heb ik ook, trouwens. Je leest er alles over op KippenKronieken. Maar de server komt er gewoon bij.
Ik loop er wel tegenaan dat die digibeet-smoes steeds slechter werkt. Als je drie websites hebt en een eigen Linux server aan het bouwen bent, geloven mensen je niet meer. Mijn eigen hersenen geloven me ook niet meer. Ze fluisteren zacht: “Roland, je kunt dit gewoon.” Verschrikkelijk. Ik heb nu geen excuus meer.

Waar ik het allemaal voor doe
Voor dekattenman.nl. Een site over de zwerfkatten die hier dagelijks voor ons huis staan te wachten alsof wij een restaurant met drie sterren zijn, en die ik met liefde voer. De site is vernoemd naar mijn zoon Kenan, de echte Kattenman. Hij is twaalf, snapt dit soort dingen sneller dan zijn vader en kijkt vaak vriendelijk toe hoe ik worstel met iets wat voor hem na drie seconden duidelijk is. Ik heb hem dus officieel benoemd tot technisch directeur. Salaris: kattenbrokken en een vader die zijn trots niet meer kwijt kan.
Want dat is het eigenlijk. Ik groeide op met DOS en een moeder die alles wist. Mijn zoon groeit op met een vader die zijn eigen server bouwt en een site met zijn naam erop. Dat ik dit nog mag meemaken, vind ik best wonderlijk. Een beetje eng ook, hoor. Maar vooral heel erg gaaf.
Een digibeet in opleiding met een eigen Linux server
Dus, lief dagboek: ik ben geen digibeet meer. Ik ben een digibeet in opleiding, met een eigen Linux server. En mijn leraar zit aan tafel zijn avondeten op te eten en rolt met zijn ogen.
Tot de volgende keer, als de server nog staat.
Tux, de pinguïn van Linux, is gemaakt door Larry Ewing met GIMP.

Over de schrijver
Hoi, ik ben Roland, een Drent in Turkije. Ik ben geboren in Assen en woon sinds 2021 in Şuhut, in de provincie Afyonkarahisar, samen met mijn vrouw Selma en onze zoon Kenan. En met een tuin vol kippen. Meer over mij lees je op de pagina Over mij.
Een vraag, een tip of gewoon hallo zeggen? Stuur me een berichtje.
Lees ook mijn andere sites
Zelfde Drent, andere onderwerpen.
Roland in Turkije: foto’s, Şuhut en emigreren.
KippenKronieken: alles over mijn kippen in Şuhut, van beginnersfouten tot de eerste eieren.
