Over drie websites, drie honden, drie rijbewijzen en een achternaam die het allemaal niet makkelijker maakt.
Sommige mensen hebben een neus voor zaken. Anderen hebben oog voor detail.
Ik heb een achternaam die me tegenwoordig behoorlijk in de problemen begint te brengen.
Tel.
En geloof me, dat is niet altijd even handig.
Het begon allemaal vrij onschuldig. Ik was bezig met rolandtel.nl, mijn derde website. Ik had die website al een tijdje, maar deed er eigenlijk niets mee. Totdat ik op zoek ging naar een plek om mijn dagelijkse sores aan het papier toe te vertrouwen.
Niet alles hoeft immers een informatief artikel te zijn. Soms wil je gewoon even van je af schrijven. Over het leven, over wat je bezighoudt en over de dingen waar je je aan ergert.
En toen viel het kwartje.
Ik had die website al!
Eén plus één werd drie.
Wiskundig klopt daar natuurlijk geen hout van, maar dat zal me eerlijk gezegd een zorg zijn. Ik ben een website aan het bouwen, geen nieuwe rekenmethode aan het ontwikkelen.

Drie websites, drie keer zoveel werk?
Ik heb inmiddels drie websites.
Op rolandinturkije.com schrijf ik over emigreren, de geheimen van Turkije en fotografietips. Allemaal netjes verdeeld over drie pijlers.
Op Kippenkronieken.com gaat het over kippen voor beginners, kippen in de tuin en eitjes uit eigen tuin. Ook drie pijlers.
En dan is er rolandtel.nl. Mijn persoonlijke uitlaatklep, waar ik mijn dagelijkse sores kwijt kan.
Die moet zijn eigen structuur nog krijgen, maar ik begin inmiddels een vermoeden te krijgen hoeveel pijlers dat gaan worden.
Drie natuurlijk.
Ik ben tenslotte ook maar een mens.
Alhoewel, met drie websites begin ik me meer een beheerder van een klein digitaal winkelcentrum te voelen. Alleen moet ik zelf alle winkels bemannen en komt er voorlopig niemand langs om huur te betalen.
Maar goed, je moet ergens beginnen.
Drie mensen en drie honden
Ook thuis gaat het tellen gewoon door.
Wij wonen met z’n drieën in Turkije: Selma, Kenan en ik.
Daarnaast hebben we drie honden.
Dat betekent dat we met zes levende wezens onder één dak zitten, waarvan er waarschijnlijk minstens drie vinden dat zij de belangrijkste zijn.
Ik laat in het midden wie dat zijn.
Met drie honden heb je bovendien altijd wel iets te doen. Voeren, verzorgen, opletten waar ze zijn en zorgen dat ze niet precies op het verkeerde moment besluiten om met z’n drieën een eigen expeditie te beginnen.
Gelukkig zijn we met z’n drieën.
Dat betekent dat we de taken eerlijk kunnen verdelen.
Of dat ook daadwerkelijk gebeurt, is een andere kwestie. Daarover verschijnt binnenkort waarschijnlijk een rapport op mijn vierde website.
Nee, wacht even.
Ik moet uitkijken.
Mijn opa en oma deden ook al mee
Het wordt pas echt verdacht als ik naar mijn familiegeschiedenis kijk.
Mijn opa en oma hadden namelijk drie zoons.
Drie!
Ik weet niet of ze daar destijds bewust over hebben nagedacht, maar achteraf gezien hadden ze de basis voor mijn cijferprobleem al gelegd.
Ook bij de familie van Selma gaat het vrolijk verder.
Selma heeft één broer en één zus. En haar zus heeft drie dochters.
Ik heb nog niet de hele familie nageteld. Er zijn grenzen aan wat een mens op één dag kan verwerken.
Bovendien moet ik mijn reputatie als Tel een beetje beschermen. Voor je het weet, sta ik op een familiefeest met een notitieblokje in mijn hand om te controleren of iedereen wel klopt.
Dat lijkt me niet bevorderlijk voor de sfeer.
Drie keer niezen betekent mooi weer
In onze familie hebben we trouwens een eigen meteorologische dienst.
Als iemand drie keer achter elkaar niest, zeggen we: morgen mooi weer.
Ik weet niet precies waar die traditie vandaan komt. Misschien heeft een van mijn voorouders ooit drie keer geniest en de volgende dag toevallig de zon zien schijnen.
Zo ontstaan tradities.
Tegenwoordig hebben we satellieten, weermodellen en meteorologen die ingewikkelde kaarten laten zien. Wij hebben een neus.
Je niest drie keer en je weet genoeg.
Al moet ik toegeven dat ik niet weet wat er gebeurt als je vier keer niest. Waarschijnlijk gaat het dan regenen.
Of moet je naar de huisarts.
Ik ga het niet uitproberen. Ik heb al genoeg aan mijn hoofd.
Drie keer een hernia
En dan mijn rug.
Ik heb momenteel voor de derde keer een rughernia.
Drie keer!
Sommige mensen verzamelen postzegels, anderen verzamelen oude auto’s. Ik verzamel hernia’s.
Het is niet helemaal de verzameling waar ik op had gehoopt.
Je zou verwachten dat je lichaam na de eerste keer denkt: dat was niet handig, dat gaan we niet nog een keer doen.
Maar nee.
Na de tweede keer blijkbaar ook niet.
Bij de derde keer begin je toch te vermoeden dat er ergens in de communicatie tussen je rug en je hersenen iets misgaat.
Misschien moet ik mijn lichaam eens uitleggen dat drie het maximum is.
Alhoewel, met mijn achternaam Tel durf ik daar niet al te stellig over te zijn.
Als er ooit een vierde komt, wil ik in ieder geval niet dat iemand zegt dat ik niet gewaarschuwd was.
Drie rijbewijzen, want je weet maar nooit
Alsof het allemaal nog niet genoeg is, heb ik ook drie rijbewijzen.
Een motorrijbewijs, een autorijbewijs en een vrachtwagenrijbewijs.
Ik kan dus op twee wielen rijden, op vier wielen rijden en met een voertuig rijden waarmee je bij een kleine parkeermanoeuvre meteen de aandacht van de halve straat trekt.
Drie rijbewijzen!
Dat klinkt alsof ik een bijzonder veelzijdig bestuurder ben. En dat ben ik natuurlijk ook.
Al heeft die derde hernia mijn ambities op dat gebied enigszins bijgesteld.
Maar mocht er ooit een vrachtwagen vol kippen ergens in Turkije vast komen te staan, dan weten ze me te vinden.
Ik heb de papieren.
Of ik ook daadwerkelijk achter het stuur klim, is een ander verhaal.
Pippi Langkous heeft er ook een handje van
Bij al dat getel moest ik ineens denken aan Pippi Langkous.
In het Duitse titellied worden de tafels van vermenigvuldiging vrolijk door elkaar gegooid. Twee keer drie is vier en drie keer drie is zes.
Rekenkundig is daar het nodige op aan te merken, maar Pippi lijkt zich daar weinig van aan te trekken.
En dan is er natuurlijk die bekende uitspraak:
Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan.
Dat vind ik eigenlijk een uitstekende instelling voor iemand die een derde website begint zonder precies te weten wat hij ermee gaat doen.
Gewoon beginnen en onderweg ontdekken waar je uitkomt.
Al zou ik bij het bouwen van een brug toch liever iemand hebben die wél weet hoeveel drie keer drie is.
Als ik de tel kwijt ben…
Mijn achternaam blijft ondertussen een bron van inspiratie.
Want wat moet je doen als je de tel kwijtraakt?
Simpel.
Ik kijk gewoon in de spiegel en roep: gevonden!
Dat is het voordeel van een achternaam als Tel. Je hoeft jezelf nooit ver te zoeken.
Ik geef toe, het is een flauwe grap. Maar dat is nu eenmaal het risico wanneer je iemand met deze achternaam loslaat op een onderwerp als cijfers.
Het had erger gekund.
Ik had ook Rekenkamp kunnen heten.
Three is the magic number
Er bestaat een bekend nummer van De La Soul met de titel Three Is the Magic Number.
Toen ik vandaag met mijn website bezig was, moest ik daar ineens aan denken.
Drie websites. Drie pijlers. Drie honden. Drie gezinsleden. Drie zoons bij mijn opa en oma. Drie dochters bij de zus van Selma. Drie rijbewijzen. En drie keer een hernia.
En dan die familietraditie van drie keer niezen.
Ik begon me serieus af te vragen of ik nog wel veilig boodschappen kon doen.
Straks koop ik drie komkommers en moet ik daar een nieuwe website voor beginnen.
Of erger nog: ik koop er vier.
Dan moet ik waarschijnlijk helemaal opnieuw beginnen.
Misschien is het gewoon toeval. Misschien valt het getal drie me nu op omdat ik er eenmaal op let.
Maar daar ga ik me verder niet in verdiepen. Ik heb nog twee websites te onderhouden en een derde die eindelijk aan het werk moet.
Dat is voorlopig genoeg.
Pas op je tellen
Ik denk dat ik voortaan maar voorzichtig moet zijn met tellen.
Voor je het weet, ontdek je een patroon en zit je ermee.
Mijn opa en oma hadden drie zoons. Wij hebben drie honden. We wonen met z’n drieën in Turkije. Ik heb drie websites, drie rijbewijzen en voor de derde keer een hernia.
En als iemand drie keer niest, wordt het morgen mooi weer.
Als het universum me iets probeert te vertellen, zou ik het op prijs stellen als het dat voortaan gewoon even mailt.
Dat scheelt een hoop zoekwerk.
Voorlopig houd ik het bij mijn websites, mijn honden en mijn dagelijkse sores.
En mocht ik de tel weer eens kwijtraken, dan weet ik wat me te doen staat.
Even in de spiegel kijken.
Gevonden!
Ik ben tenslotte Tel.
En voor wie het nog niet doorhad: drie is blijkbaar mijn getal.
Alhoewel…
Als ik morgen drie keer nies, ga ik toch even naar buiten kijken.
Je weet maar nooit.

Geef een reactie